Party Bugs Review

In dit feestelijke spel van White Goblin Games probeer je zo min mogelijk feestgangers op jouw feestje te ontvangen. Zo min mogelijk? Gezellig is dat. Nou, dat doe je eigenlijk omdat deze feestgangers bestaan uit kleine beestjes. Bugs. Ongedierte dus en die heb je liever niet op jouw partijtje.

Elke speler begint met een stapeltje kaarten in zijn of haar kleur met kaarten in waardes een tot en met dertien. Nummer dertien is de ‘party king’ en die heeft een speciale functie. Daar kom ik later op. Iedere speler schudt zijn stapel kaarten, trekt er een en legt die in het midden van de tafel bij de discobal, de dansvloer waar al het ongedierte hun danspasjes oefenen. Dan neemt iedere speler drie kaarten op hand. Elke rond kiezen de spelers een kaart uit hun hand en als alle spelers dat gedaan hebben, dan laat iedereen die kaart zien. De speler met de laagste waarde mag als eerste een kaart van de dansvloer pakken en voor zich neerleggen, de spelers met hogere kaarten kiezen later. De kaarten die de spelers hebben uitgespeeld worden de nieuwe kaarten op de dansvloer en kunnen de volgende ronde door de spelers gepakt worden.

Mochten er meerdere spelers een kaart spelen die eenzelfde waarde hebben, dan wordt er gekeken naar wie er het dichtste bij de speler met de gelijkspelkaart zit. Deze kaart wordt aan het begin van het spel aan een speler gegeven.

Zo wordt elke ronde gespeeld. Je speelt kaarten uit en pakt kaarten van de dansvloer en legt ze voor je. Daarna trek je weer bij tot drie handkaarten. In ronde dertien heb je geen kaarten meer op hand en mag iedereen, tegen de klok in, beginnend bij de de speler die rechts van de speler met de gelijkspelkaart zit een kaart van de dansvloer kiezen.

Uiteindelijk gaat het er om dat je, als je alle getallen op de kaarten die je voor je hebt liggen bij elkaar optelt, zo min mogelijk punten hebt. Die speler wint het spel. Het leuke is, en anders zou het houden van feestjes voor ongedierte wel een erg simpele bezigheid zijn, dat je ook van je score kaarten af kunt en moet komen. Dit doe je eigenlijk door paartjes te verzamelen van kaarten met eenzelfde waarde.

Het krijgen van een tien is niet heel fijn, dat zijn een boel punten, maar het is nog geen ramp als je nog een tien kunt bemachtigen. Je mag dan beide tienen uit het spel verwijderen. Zo heb je in een klap twintig punten minder.

Dan komt dus ook de dertien kaart om de hoek kijken. Dit is aan de ene kant een pestkaart, maar aan de andere kant, als je hem goed inzet, kan die de persoon die hem uitspeelt ook erg helpen. Speelt iemand namelijk de dertien, dan moet hij of zij alle kaarten op de dansvloer nemen. De andere spelers krijgen dus geen enkele kaart die ronde. Aan de ene kant kun je hierdoor zorgen dat een speler die een lage kaart speelt uiteindelijke toch niet als eerste een gewilde kaart uit het midden mag pakken, maar ook kun je er voor zorgen dat je zelf in een klap meerdere paartje af mag leggen. Alle kaarten uit het midden moeten pakken klinkt dus slecht, maar als je hem slim speelt kan het juist erg goed voor jou uitpakken.

Hiervoor heb je een beetje geluk nodig, maar je kunt er ook zelf een beetje invloed op uitoefenen. Je hebt immers een klein beetje invloed op welke kaarten er in het midden komen te liggen. Een daarvan is toch van jou?

Er zit dus geluk in het spel. Je hebt namelijk maar de keuze uit drie handkaarten, je weet niet wat anderen uitspelen en daardoor kun je niet heel ver vooruitdenken. Al denk ik dat dit voor de spelbeleving in dit spel ook helemaal niet nodig is. Je kunt namelijk net genoeg vooruitdenken, zodat je toch een gevoel van controle hebt. Je kunt door je kaarten op het juiste moment uit te spelen namelijk actief invloed uitoefenen op de staat van het spel, de staat van de dansvloer, de volgende ronde.

Er zit ook heel wat interactie in het spel, doordat je door het spelen van lagere kaarten dan je buurman eerder dansvloerkaarten mag kiezen en je dus kunt bekijken welke kaarten jij nodig hebt, of misschien wel welke kaarten je tegenstanders nodig hebben. De dertien kaart is natuurlijk helemaal vervelend als je die op het juiste moment speelt.

Het grappige is dat de tactiek een andere dimensie krijgt als je met een oneven aantal speelt in vergelijking met het spelen met een even aantal spelers. Bij een even aantal weet je namelijk dat er in het spel, potentieel, altijd paartjes gemaakt kunnen worden. Bij een oneven aantal spelers weet je dat er altijd een kaart per kaartwaarde teveel is. Speel je met drie spelers en iemand heeft al een paartje gemaakt met 2 achten, dan weet je dus dat je, als je een nieuwe acht pakt, je die nooit van zijn leven meer kwijt raakt. Met een even aantal spelers kun je altijd nog hopen, als er nog een andere acht in het spel is, dat je dat later alsnog voor elkaar kunt krijgen.

Goed, dat is een klein extraatje. Ik moet concluderen dat ik Party Bugs eigenlijk wel een leuk spelletje vind. Het valt in die categorie snel uit te leggen en snel te spelen kaartspellen, waar je toch een klein beetje bij moet nadenken en waar, door het voor de neus van een ander wegnemen van gewilde ongediertekaarten, er lekker wat interactie in zit. Als je een spel op de automatische piloot kunt spelen is er niets aan natuurlijk. Dat is Party Bugs niet, dat is dus gewoon een heel geslaagd ‘getallenspelletje’ met grappige illustraties.

 

 


Als je het leuk vindt om de artikelen op As a Board Gamer te lezen kun je ons liken op Facebook, mij volgen op Twitter of op Instagram. En we hebben een YouTube kanaal met playthroughs en reviews. 

Bedankt!


 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.